LIEGENDE RECHTER HEEFT OOK LIEGENDE ADVOCATEN

ADVOCATENDEKEN HENDRIKSEN STOND IN DE WESTENBERG-PROCEDURES NIET DE RAAD VOOR DE RECHTSPRAAK BIJ, MAAR HET KANTOOR VAN DE LANDSADVOCAAT PELS RIJCKEN & DROOGLEEVER FORTYUN, HET KANTOOR DUS DAT SAMENSPANDE MET HET OM TEGEN MICHA OM HEM VEROORDEELD TE KRIJGEN WEGENS EEN ‘VALSE BOMMELDING’

SCHANDAAL-WESTENBERG DIJT UIT EN UIT * ADVOCAAT DES KONINGS (EN DES WESTENBERGS) CROISET VAN UCHELEN WEIGERT DE INHOUD VAN EEN ARTIKEL IN HET NJB TOT ZICH TE NEMEN: ‘HET IS GEWOON NIET WAAR’ * ADVOCATENDEKEN HENDRIKSEN LIEGT KEIHARD TEGEN MICHA: ‘IK WEET NIETS VAN DE TUCHTZAKEN TEGEN MOSZKOWICZ’ * OP 5 NOVEMBER KREEG HENDRIKSEN EEN EMAIL OVER DE ZAAK-MOSZKOWICZ VAN WIM DANKBAAR

[wp_ad_camp_1]

To: Arnold Croiset Van Uchelen
CC: Redactie Advocatie.nl Deken [email protected]

Beste Arnold,

In het navolgende artikel is een kort telefoongesprek met je opgenomen als geluidsfragment. In dit fragment ontken je dat in het NJB staat dat Van Delden destijds als voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak de Tweede Kamer heeft voorgelogen over de zaak-Westenberg. Deze ontkenning is niet anders te omschrijven dan als ‘krankzinnig’ daar de kop het stuk luidt: Tweede Kamer onjuist geinformeerd over liegende rechter. Thans sommeer ik je mij schadeloos te stellen voor de nu al meer dan 10 jaar durende en steeds krankzinniger wordende terreur tegen mij namens jouw client Hans Westenberg. Doe je dat niet op zeer korte termijn, dien ik een tuchtklacht tegen je in op grond van de hierboven gemelde feiten. Een advocaat die niet een staat is een artikel in het NJB op juiste wijze te interpreteren is een gevaar voor de beroepsgroep.

Met vriendelijke groeten,

Micha Kat

Hieronder een email van Wim Dankbaar aan Hendriksen vier dagen geleden. Vandaag zei Hendriksen tegen Micha dat hij niet op de hoogte is van de tuchtzaken tegen Yehudi Moszkowicz.

From: Wim Dankbaar [mailto:[email protected]] Sent: donderdag 5 november 2015 12:35
To: ‘[email protected]
Cc: ‘Ziggo mail’
Subject: Verzoek tot bemiddeling ter attentie van Deken Mr. W.H. Hendriksen

Geachte heer Hendriksen,

Graag vraag ik uw aandacht voor het volgende. Ik heb samen met de heer André Vergeer sinds september 2014 een tuchtklacht lopen tegen Mr. Yehudi Mosckowicz, advocaat te Utrecht. Deze klacht is in behandeling bij uw collega Mr. Roest Crollius van de Orde van advocaten Midden Nederland. Ik vind echter dat Mr. Roest Crollius teveel tijd neemt om mijn klacht voor de Raad van discipline te brengen. Ofschoon hij heeft toegezegd dat begin deze week te doen, heb ik nog niets vernomen. De week is weliswaar nog niet om, maar toch verzoek ik u om Mr. Roest Crollius te manen dat deze week te doen. Ander zie ik mij genoodzaakt bij u een klacht tegen hem in te dienen, hetgeen naar ik aanneem door u en Mr. Roest Crollius vermeden wenst te worden.

Met vriendelijke groet,

Wim Dankbaar

5 Replies to “LIEGENDE RECHTER HEEFT OOK LIEGENDE ADVOCATEN”

  1. In de periode van 23 augustus 2011 tot en met 24 augustus 2011 te ‘s-Gravenhage heeft verdachte gebeld met medewerkers van het kantoor van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn Advocaten en Notarissen te Den Haag (Pels Rijcken). Dat blijkt uit de verklaringen van [A], [B], [C], [D]en uit de verklaring van verdachte.

    Verder staat vast dat genoemde medewerkers van Pels Rijcken telefonisch de volgende berichten hebben ontvangen.

    Aan [C]2 is op 24 augustus 2011 meegedeeld “Jullie kunnen binnenkort brandbommen verwachten, let op mijn woorden ik ga brandbommen door het kantoor gooien, je kan brandbommen door de ruiten verwachten”.

    Aan [D]3 is op 24 augustus 2011 meegedeeld dat binnenkort brandbommen door de ramen gegooid zouden worden.

    Aan [A]4 is op 23 augustus 2011 meegedeeld “Jullie zijn allemaal ratten, jullie advocaten zijn allemaal ratten, honden. Jullie brengen de wereld naar de kloten. Wacht maar, zo meteen gaat er een bom af, wacht maar, zo meteen gaat er een bom af…..over een half uur” en “He, dat zeg ik toch, over een half uur gaat er een bom af.” en “Jullie gaan allemaal naar de klote.”

    Aan [B]5 is op 23 augustus 2011 meegedeeld “Dit is een bommelding, het zal dood en verderf zaaien, jullie zijn een corrupt stelletje, jullie verdedigen een kinderverkrachter, heeft u mij begrepen?”.

    Verdachte heeft verklaard dat hij in augustus 2011 in [plaats] verbleef.6.

    3.1.2. Uitgangspunt voor het bewijs zaaksdossier Bommelding Ministerie van Veiligheid en Justitie (feit 3)

    Op 8 september 2011 is te ‘s-Gravenhage telefonisch een valse bommelding doorgegeven aan een medewerkster van het Ministerie van Veiligheid en Justitie, hetgeen blijkt uit de verklaring van [E]7 en uit de beluisterde en uitgewerkte opname van dit telefoongesprek8.

    Aan [E] is op 8 september 2011 meegedeeld “Dit is een bommelding. Als jullie binnen 1 uur niet Joris Demmink ontslaan en afleveren bij een politiebureau gaat een bom tot ontploffing met honderden doden om precies 1 uur van nu af. Jullie moeten het Ministerie ontruimen. Ik waarschuw jullie. Er komt een bommelding. Het Ministerie wordt verwoest. Binnen 1 uur precies na nu, als jullie Joris Demmink niet afleveren bij een politiepost, bij een bureau van politie. De tijd tikt door. Het is nu negenenvijftig minuten a nu. De bom is geplaatst onder het bureau van Joris Demmink, Secretaris Generaal van het Ministerie van Justitie, criminele pedofiel en kinderverkrachter. Achtenvijftig punt dertig.”.

    Door de inhoud van de hiervoor onder 3.1.1 en 3.1.2 weergegeven telefoongesprekken zijn medewerkers van het kantoor van Pels Rijcken en het Ministerie van Veiligheid en Justitie bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en met brandstichting en met enig misdrijf waardoor gevaar voor de algemene veiligheid van personen of goederen ontstaat.

    De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of verdachte de persoon was die deze telefonische mededelingen heeft gedaan en of wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard dat daarmee sprake is van het doen van een valse bommelding en/of het uiten van bedreigingen.

    3.1.3 Standpunt van de officier van justitie (feiten 1 en 3)

    De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het doen van valse bommeldingen (feit 1, eerste cumulatief/alternatief en feit 3, eerste cumulatief/alternatief) en daardoor ook aan het bedreigen van medewerkers van het kantoor van Pels Rijcken (feit 1, tweede cumulatief/alternatief) en het Ministerie van Veiligheid en Justitie (feit 3, tweede cumulatief/alternatief).

    3.1.4 Overwegingen van de rechtbank (feiten 1 en 3)

    Bommelding advocatenkantoor

    Ter terechtzitting van 19 februari 2013 is de geluidsopname beluisterd van het telefoongesprek op 24 augustus 2011, waarin bedreigingen worden geuit tegenover [C], eerder genoemde medewerker van het kantoor van Pels Rijcken. De rechtbank heeft waargenomen dat de dreigende stem die van verdachte is.9

    De rechtbank komt op basis van de verklaringen van [B]en [A]in combinatie met de verklaring van verdachte bij de politie, tot de conclusie dat verdachte de persoon is geweest die op 23 augustus 2011 een (telefonische) bommelding heeft gedaan bij het kantoor Pels Rijcken. Voor die conclusie vindt de rechtbank voorts steun in de verklaring van [C] dat zij de stem van de persoon die zij op 24 augustus 2011 aan de telefoon had en die dreigende taal gebruikte, heeft herkend als de stem van de persoon die zij een dag eerder had gesproken. Gelet op de duidelijk herkenbare stem van verdachte, zoals ter terechtzitting is waargenomen, acht de rechtbank de stemherkenning door [C] betrouwbaar.

    Naar aanleiding van het telefoongesprek van 23 augustus 2011 is het kantoorpand geheel ontruimd. Na onderzoek van het kantoorpand is geen explosief aangetroffen.

    De rechtbank is op grond van het vorenstaande van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard dat verdachte een valse bommelding heeft gedaan. Gelet op de inhoud van de telefonische mededelingen zal de rechtbank alleen de mededelingen aan [A]en [B] als een valse bommelding aanmerken. De mededelingen aan [C] en [D] kunnen niet als zodanig worden aangemerkt, nu daarbij geen sprake is van een onmiddellijk dreigend gevaar van een ontploffing. De rechtbank zal verdachte daarvan partieel vrijspreken.

    Gelet op het dreigende karakter van alle in de tenlastelegging genoemde telefonische mededelingen acht de rechtbank tevens wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan bedreiging.

    Bommelding Ministerie van Veiligheid en Justitie

    Ter terechtzitting van 19 februari 2013 is tevens een geluidsopname beluisterd van het telefoongesprek waarin een bommelding wordt gedaan bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie. De rechtbank heeft waargenomen dat de stem die te horen is, die van verdachte is.10

    De rechtbank komt, op basis van de verklaring van [E] in combinatie met de beluisterde en uitgewerkte opname van het telefoongesprek, tot de conclusie dat verdachte op 8 september 2011 een (telefonische) bommelding heeft gedaan bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Er is geen explosief aangetroffen. Hoewel er geen ontruiming van het pand heeft plaatsgevonden en de medewerkers van het ministerie, voor zover zij op de hoogte waren van de bommelding, vermoedden dat verdachte de melding had gedaan, is de rechtbank van oordeel dat het oogmerk van verdachte gericht is geweest op het anderen ten onrechte doen geloven dat zich in het gebouw van het ministerie een explosief bevond, dat binnen één uur zou afgaan.

    De rechtbank is van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard dat verdachte deze valse bommelding heeft gedaan.

    Gelet op het dreigende karakter van de in de tenlastelegging genoemde telefonische mededelingen acht de rechtbank tevens wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan bedreiging.

    Conclusie

    De rechtbank is van oordeel dat de onder 1, eerste cumulatief/alternatief en tweede cumulatief/alternatief, en onder 3, eerste cumulatief/alternatief en tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feiten, te weten twee valse bommeldingen en twee bedreigingen, wettig en overtuigend bewezen kunnen worden verklaard.

  2. Overigens maakt Droogstoppels Fortuin zich grensoverschrijdend schuldig aan allerlei zaken die voor advocaten niet kunnen (en die in algemene zin het daglicht niet kunnen verdragen) en de anders zo alerte NOVA is merkwaardig genoeg ineens nergens te bekennen…….

  3. ‘You can’t argue or bargain with psychopaths’

    Laat staan dat je ze kunt sommeren……met enig resultaat (dan).

    Als een machinale ‘berserker’ gericht op perverse macht en controle, blijven ze boosaardig liegen. Glad, glibberig of keihard recht in je gezicht.

    Schaamte: Kennen ze niet.
    Fatsoen: Kennen ze niet.
    Empathie/mdedogen: Nooit van gehoord.

    Geld is macht, dus betalen doen ze gewoon niet.

    ‘Dead inside’ heeft geen normaal moreel besef. Het is de seriemoordenaars ‘mindset’ in maatpak zoals schoolvoorbeeld prins Bernhard.

  4. “”HET KANTOOR DUS DAT SAMENSPANDE MET HET OM TEGEN MICHA OM HEM VEROORDEELD TE KRIJGEN WEGENS EEN ‘VALSE BOMMELDING’””

    Had PELS RIJCKEN & DROOGLEEVER FORTYUN dan contact moeten opnemen met de de slager op de hoek?

Geef een reactie